Inleiding
Oorzaken van aambeien
Verschijnselen van aambeien
Diagnose van aambeien
Behandeling van aambeien
Meer informatie
Aambeien (hemorroïden) zijn vergrote en uitstulpende bloedvaten (aders) van het rectum (de endeldarm) of bij de anus (aarsopening). Er zijn twee types aambeien. Aambeien die zich onder de huid rond de anus bevinden (en niet binnen in het rectum), worden uitwendige aambeien genoemd. Aambeien in het rectum zijn zogenaamde inwendige aambeien. Externe (uitwendige) aambeien zijn bedekt met huid. Meestal veroorzaken aambeien geringe klachten.
Aambeien ontstaan als gevolg van verhoogde druk in de bloedvaten, vooral in de aders in het onderste deel van de dikke darm. Hierdoor gaan de bloedvaten uitzetten en uitstulpen. Dit kan optreden bij ouderdom, chronische obstipatie of diarree, kanker van de endeldarm, zwangerschap, erfelijke aanleg, slechte darmfunctie door overmatig gebruik van laxeermiddelen, lange tijd op het toilet zitten (lezen) of het niet reageren op aandrang tot ontlasting.
Klachten van aambeien kunnen zijn:bloedverlies, vorming van een knobbel of uitstulping rond de anus en anale jeuk. Normaal gesproken zijn aambeien niet pijnlijk. Aambeien kunnen hevige inwendige of uitwendige bloedingen veroorzaken waardoor er helderrode bloedsporen in de ontlasting, op het toiletpapier of in de toiletpot zitten. Ook kunnen ze soms zo groot worden dat ze uit de anus stulpen (prolaps) of bekneld raken. Door het tot stilstand komen van de bloedstroom ter plaatse en door beschadiging van de bloedvaten bij de anus als gevolg van persen of door afknelling van de aambei door de anale sfincter (ringspier) kan een stolsel in de aambei ontstaan (trombose). Een getromboseerde aambei is meestal wel erg pijnlijk.
De diagnose kan gesteld worden aan de hand van de klachten en onderzoek van de anus, het anale kanaal en het begin van de endeldarm. Aangezien aambeien nogal eens bloedverlies bij de ontlasting veroorzaken, moet er zo nodig ook aanvullend onderzoek plaatsvinden, om andere oorzaken voor dit bloedverlies uit te sluiten. Dit kan bestaan uit kijkonderzoek (proctoscopie of sigmoïdoscopie) en/of een röntgenfoto van de dikke darm. Dit doet men vooral bij patiënten boven de veertig jaar. Bij jongere patiënten is in het algemeen het onderzoek van de anus en het anale kanaal voldoende.
Lichte vormen van aambeien kunnen dikwijls verholpen worden met vezelrijke voeding en veel vocht om obstipatie te voorkomen of te verhelpen.
Een zitbad in lauw water gedurende tien minuten kan eveneens verzachtend zijn, evenals het gebruik van aambeienzalf.
Bij aandrang tot ontlasting moet toiletbezoek niet te lang worden uitgesteld. Ook het zo veel mogelijk vermijden van persen voorkomt klachten van uitzakkende aambeien. Met deze maatregelen zullen de pijn en de zwelling bij de meeste aambeien in twee tot zeven dagen verminderen. De harde knobbel is meestal binnen vier tot zes weken verdwenen.
De pijn van een getromboseerde aambei kan meestal snel worden verlicht door het stolsel (onder plaatselijke verdoving) door een kleine snede in de aambei te verwijderen.
Bij complicaties of hinderlijke klachten kan men verschillende vormen van therapie toepassen zoals ligeren, scleroseren of infraroodcoagulatie (fotocoagulatie).
Bij ligeren worden de aambeien afgebonden (de 'rubber bandbehandeling'). Een klein rubberen bandje wordt over de aambei geplaatst, zodat de bloedtoevoer ernaar wordt verhinderd. De aambei en het bandje vallen af na enkele dagen en de wond geneest meestal binnen één à twee weken.
Een andere mogelijkheid is het inspuiten van een irriterende vloeistof in de aambei (scleroseren). Dit leidt tot een plaatselijke reactie waardoor de aambei verschrompelt. Ook kan een aambei behandeld worden met infrarood licht waarbij een brandwondje op het slijmvlies wordt gemaakt.
Al deze behandelmogelijkheden kan men combineren. De ingrepen kunnen poliklinisch in 15-30 minuten gebeuren. Meestal is bij meer dan de helft van de patiënten al een goed resultaat te verwachten na de eerste poliklinische behandeling. Als de verzakking van de aambeien erger is, kan een tweede of derde behandeling nodig zijn.
Een operatie met ziekenhuisopname is voor aambeien tegenwoordig zelden meer nodig. Het operatief verwijderen van aambeien (hemorroïdectomie) wordt alleen bij zeer grote en pijnlijke afwijkingen uitgevoerd.
Informatie van Nederlandse huidartsen
www.huidinfo.nl
Informatiefolder van het Nederlands Huisartsen Genootschap
nhg.artsennet.nl
Hulme-Moir, M, Bartolo, C. (2001), "Hemorrhoids", Gastroenterology Clinical of North America, vol.30, no.1, pp.183-197.
Janicke, M, Pundt, R. (1996)," Anorectal disorders" Emergency Medicine Clin North America, vol.14, no.4, pp.757-788.
MacKay, D. (2001), "Hemorrhoids and varicose veins: a review of treatment options" Alternative Medicine Review, vol.6, no.2, pp.126-140.
Palmer K.R., Penman I.D. (1999), Diseases of alimentary canal and pancreas, in: Haslett C., Chilvers E.R., Hunter J.A., Boon N. (eds.), Davidson's Principles and Practices Of Medicine, 18th ed, Harcourt Publishers Limited, London.
Williams, N.S. (2000), The anus and anal canal, in: Russell, R.C.G., Williams, N.S. & Bulstrode, C.J.K. (eds), Bailey & Love's short practice of surgery, 23rd ed, Arnold, London.