Oorzaken
Verschijnselen
Diagnose
Behandeling
Complicaties
Meer informatie
Ascites is een abnormale ophoping van vocht in de buikholte. De buikholte is de ruimte die wordt begrensd door het buikvlies (peritoneum). Dit is een dun vlies dat de organen in de buikholte omgeeft. Het buikvlies bestaat uit twee lagen. De peritoneale ruimte is de ruimte die tussen deze lagen zit. Normaal gesproken is deze ruimte gevuld met een kleine hoeveelheid lichte, gelige vloeistof.
Gewoonlijk treedt ascites op als complicatie van een leveraandoening, bijvoorbeeld levercirrose of leverkanker. Ook stolsels in de bloedvaten van de lever kunnen tot ascites leiden. Daarnaast kan ascites voorkomen bij buikvlieskanker , nierinsufficiëntie en hartfalen . Een laag eiwitgehalte van het bloed (ten gevolge van ondervoeding of aandoeningen waarbij veel eiwit verloren gaat, zoals het nefrotisch syndroom) geeft ook ascites. Daarnaast komt het voor bij pancreatitis (alvleesklierontsteking), infectieziekten als tuberculose, verstopping in de lymfevaten en uitzaaiingen bij eierstok-, darm- en borstkanker.
Het belangrijkste verschijnsel is een opgezette buik. Ascites kan gepaard gaan met buikpijnklachten, een slechte eetlust en misselijkheid. De ophoping van vocht in de buikholte leidt tot snelle gewichtstoename. In een aantal gevallen kunnen ademhalingsmoeilijkheden optreden door druk op het middenrif.
Daarnaast zijn er verschijnselen van de onderliggende ziekte die de ascites veroorzaakt.
Op basis van de klachten en het lichamelijk onderzoek wordt de diagnose overwogen. Echografie van de buik kan deze bevestigen. Door middel van een punctie kan een monster van het opgehoopte vocht worden verkregen. Hiertoe wordt een dunne naald door de buikwand in de buikholte ingebracht. Het vocht wordt uitgebreid onderzocht om de oorzaak van de ascites te achterhalen.
De behandeling van ascites richt zich primair op de oorzaak ervan. Daarnaast worden maatregelen genomen die de hoeveelheid ascites en de klachten daarvan moeten verminderen. Het gebruik van zout moet worden beperkt. Verder kan het nodig zijn een vochtbeperking voor te schrijven. Met behulp van plasmiddelen (diuretica) wordt getracht de vochtafdrijving te bevorderen. Als met deze maatregelen geen goede resultaten worden bereikt, wordt het opgehoopte vocht afgevoerd met behulp van een naald die via de buikwand wordt ingebracht. Vaak heeft dit maar een tijdelijk effect. Sommige patiënten hebben baat bij het inbrengen van een katheter die onderhuids van de buikholte naar een ader in de hals loopt (shunt ), waardoor het vocht in de bloedsomloop terechtkomt. Ascites bij iemand met leverfalen heeft een slechte prognose. In dat geval moet levertransplantatie worden overwogen.
Het in de buikholte opgehoopte vocht raakt gemakkelijk geïnfecteerd, zeker als er puncties verricht moeten worden. Er treedt dan een peritonitis (buikvliesontsteking) op.
http://www.leverpatientenvereniging.nl/index.php?option=com_content&task=view&id=63&Itemid=94
Informatie van de Nederlandse Leverpatiënten Vereniging