Button Menu Spreekuur
Button Menu medischabc
Button Menu lifestyle
Button Menu interactief
MRSA
Pagina afdrukkenTell a friend

Inleiding
Voorkomen
Besmetting:
Diagnose
Behandeling
Preventie
Werk, school of kinderdagverblijf
De onverwachte MRSA-infectie.
Meer informatie

MRSA betekent; Meticilline Resistente Staphylococcus Aureus. Een stafylococ is een bepaald soort bacterie die bij veel mensen en dieren tijdelijk of permanent voorkomt op de huid, in de neus of in de bilnaad. We dragen deze bacterie als het ware bij ons. Dit geeft normaal gesproken geen problemen. Onder bepaalde omstandigheden, zoals bij verminderde weerstand, kan deze stafylokok wel aanleiding geven tot een infectie: van de huid, een wond, de bloedbaan, een hartklep, bot of gewricht. Zo’n infectie kunnen we bestrijden met antibiotica. De MRSA bacterie is ongevoelig (resistent) voor de meeste antibiotica. MRSA-infecties zijn daardoor moeilijk te behandelen en verlopen daarom vaak gecompliceerd.

In Nederland is slechts 0,5 -1% van de stafylokokken een MRSA. Vergeleken met het buitenland, waar 20-50% een MRSA is, is dit een zeer laag percentage. Dit grote verschil komt door een terughoudender beleid in het voorschrijven van antibiotica in Nederland en door betere maatregelen tegen verspreiding van de bacterie.
Men moet een onderscheid maken tussen dragerschap van en een infectie met MRSA. Dragers van MRSA hebben de MRSA bacterie op de slijmvliezen en op de huid, maar ze zijn niet ziek. Het is onduidelijk hoeveel mensen drager zijn van de MRSA bacterie. Er is in 2003 een onderzoek gedaan onder mensen die opgenomen werden in het ziekenhuis. Hieruit bleek dat in Nederland bij 0,03% procent (3 op de 10.000) van de onderzochten een MRSA bacterie in de neus werd aangetroffen. In andere landen was dit rond de 0,3% (3 op de 1000).
Een groeiend percentage dragers lijkt nu te zijn besmet in Nederland, terwijl de afgelopen jaren de meerderheid van de patiënten de MRSA in het buitenland opliep
Deze dragers hebben de MRSA bacterie vaak opgelopen buiten de ziekenhuizen of verpleeghuizen.

Verspreiding van MRSA treedt op door direct contact (handen), via de lucht (op huidschilfers of stofdeeltjes via luchtstromingen) of via andere bronnen zoals kleding, beddengoed en medische apparatuur. Ook via de handen van verzorgers wordt de bacterie vaak overgedragen.
Zolang iemand drager is van MRSA moet hij als besmettelijk worden beschouwd. Als een drager een wond heeft of bijvoorbeeld neusverkouden is, neemt de kans dat hij iemand anders besmet, toe.
In ziekenhuizen is de kans op verspreiding en besmetting groter dan daarbuiten. Dit komt omdat in een ziekenhuis antibiotica intensiever worden gebruikt en een patiënt meer kans loopt op een besmetting met deze bacterie door (operatie)wonden, gebruik van catheters en infusen. Ook is er meer direct contact tussen diverse medewerkers en patiënten van de betreffende zorginstelling.

Om de te bepalen of iemand besmet is met MRSA wordt met een wattenstokje materiaal afgenomen van het slijmvlies van keel- en neusholte, de bilnaad en eventuele wondjes. Dit wordt op kweek gezet. Als de MRSA bacterie aanwezig is wordt de kweek positief genoemd. Die persoon is dan drager.

Stafylokok infectie
Huid en wondinfecties worden meestal behandeld met een zalf die een antibioticum bevat. Voor de andere infecties, en voor uitgebreide huid en wondinfecties zijn antibiotica in tabletvorm noodzakelijk. Meerdere soorten antibiotica zijn geschikt voor de behandeling van deze infecties.

MRSA infectie
De MRSA bacterie is slechts gevoelig voor zeer speciale antibiotica die meestal per infuus of injectie worden toegediend..
Drager
Behandeling van dragers heeft geen zin als meer huisgenoten drager zijn van MRSA. Een gelijktijdige behandeling van alle positieve gezinsleden is dan nodig.
Behandeling voor dragerschap is afhankelijk van de lokalisatie van de bacterie. Over het algemeen wordt een antibiotica-neuszalf gegeven. Ook wordt een goede was en douche hygiëne geadviseerd: goed handen wassen en aparte handdoeken voor patiënt en familie. Het beddengoed en overige kleding moeten dagelijks verschoond en gewassen worden op 60°C.
Een dragerschapbehandeling wordt als succesvol beschouwd wanneer minstens 3
vervolgkweken, afgenomen met een interval van een week, negatief zijn.
Falende behandeling van dragerschap kan verschillende oorzaken hebben, zoals een
persisterende bron (denk ook aan huisdieren!) in de omgeving van de drager

Als iemand vanuit een buitenlands ziekenhuis in een Nederlands ziekenhuis terecht komt, wordt onderzocht of deze persoon besmet is met de MRSA bacterie. Dit is een tijdrovend onderzoek maar zeer belangrijk omdat het grote problemen kan geven als iemand besmet is, zowel voor de patiënt zelf, als voor mensen in de omgeving (mede patiënten en personeel) is.
Voor het onderzoek wordt met een wattenstokje materiaal afgenomen van het slijmvlies van keel- en neusholte, de bilnaad en eventuele wondjes. Dit wordt op kweek gezet. Tot het moment dat de kweken bekend zijn, dit kan soms tot 5 dagen duren, wordt de persoon op een aparte kamer met veel voorzorgsmaatregelen verpleegd (isolatie). Als de kweken geen MRSA laten zien wordt de isolatie opgeheven. Is de patiënt wel drager van MRSA dan zal hij/zij verder ook geïsoleerd behandeld worden.

Iemand die werkt in een zorginstelling en drager van MRSA is, mag niet in contact komen met patiënten. Kinderen met een MRSA-infectie mogen naar school of kinderdagverblijf mits de behandeling (>24 uur geleden) is gestart. Er zijn geen bijzondere maatregelen nodig als een leidster of docente op een kinderdagverblijf of school waar een kind met MRSA verblijft, zwanger is.

Een MRSA-bacterie wordt soms onverwacht of toevallig gevonden. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als een huisarts of een chirurg op de polikliniek een kweek laat maken van een wond. Om te bepalen waar en door wie deze (onverwachte) MRSA-drager besmet is, wordt brononderzoek ingesteld door de GGD. Daarvoor worden huisgenoten en andere mensen uit zijn of haar naaste omgeving onderzocht (denk aan werk,sportclubs) op MRSA.

Informatie van het RIVM over MRSA
http://www.rivm.nl/
het medisch handboek van orde van medisch specialisten. (2006)

Meer informatie over geneesmiddelen kunt u vinden in de Geneesmiddelenatlas


Bron: Medic Info Copyright: Medic InfoDatum: 13/10/2010Disclaimer
geavanceerd zoeken

Zoeken

Ik wil zoeken naar: