Button Menu Spreekuur
Button Menu medischabc
Button Menu lifestyle
Button Menu interactief
Levensfasen - Ouderdom
Pagina afdrukkenTell a friend

Inleiding
Lichamelijke ontwikkeling
Verstandelijke ontwikkeling
Emotionele en sociale ontwikkeling
Factoren die van invloed zijn op de ontwikkeling in de ouderdom
Meer informatie

De ouderdom is de levensfase die begint bij 65 jaar en loopt tot aan de dood. Deze fase wordt onder meer gekenmerkt door stoppen met werken, meer vrije tijd en nieuwe taken binnen de familie. Een ander woord voor oudere is ‘bejaarde’ of ‘senior’.
In deze periode is meestal sprake van lichamelijke en geestelijke achteruitgang, maar het verschil tussen ouderen is in dit opzicht groot. Sommigen zijn nog gezond en volledig zelfredzaam, terwijl anderen ziekten of klachten krijgen, niet meer goed voor zichzelf kunnen zorgen en medische hulp nodig hebben. Veel ouderen behouden echter in opmerkelijke mate hun geestelijke vermogens en lichamelijke capaciteiten.
De ouderdom kan worden beschouwd als de periode waarin alle ervaringen en vaardigheden die gedurende alle voorgaande levensfasen zijn verworven, tot een eenheid worden gesmeed.
De tak van de wetenschap die veroudering en ouderdom bestudeert, zowel in lichamelijk, maatschappelijk als in geestelijk opzicht, wordt de gerontologie genoemd. Geriatrie is het medisch specialisme dat speciaal gericht is op ouderen, die vaak meerdere aandoeningen tegelijkertijd hebben. Vaak gaat het dan om een combinatie van lichamelijke, psychische en sociale problemen.

Ouder worden brengt een groot aantal veranderingen met zich mee. Zo verandert de haarkleur, komen er meer rimpels, wordt de huid droger, trekt het tandvlees zich terug en hebben veel mensen een gebitsprothese nodig.
Over het algemeen nemen lichamelijke kracht, lenigheid, reactiesnelheid, gezichtsvermogen en gehoor af. Veel voorkomende gezondheidsproblemen zijn onder andere gewrichtsaandoeningen, botbreuken, de ziekte van Alzheimer, de ziekte van Parkinson, beroertes, kanker en hart- en vaatziekten. Factoren zoals erfelijkheid en leefwijze bepalen mede de mate waarin ouderen vatbaar zijn voor deze problemen.

De verstandelijke ontwikkeling tijdens de ouderdom wordt beschouwd als een ontwikkeling met verschillende dimensies. Sommige verstandelijke vermogens blijven op hetzelfde niveau, maar andere kunnen afnemen naarmate de leeftijd vordert. Daarnaast kunnen kleine veranderingen optreden in de manier waarop ouderen hun verstandelijke vaardigheden gebruiken.
Het leervermogen neemt vaak af en ouderen hebben vaak meer tijd nodig om eenvoudige procedures aan te leren dan jongere volwassenen. Verstandelijke processen verlopen in de levensfase van ouderdom minder snel en nauwkeurig. Ouderen presteren daarom minder goed dan jongeren bij tests die binnen een vastgestelde tijd moeten worden uitgevoerd.
Geheugenprocessen, zoals het onthouden van allerlei zaken of gebeurtenissen en deze kunnen oproepen wanneer het nodig is, verlopen minder efficiënt. Ook neemt het vermogen af om zich gebeurtenissen helemaal vanaf het begin te herinneren, of aan de hand van gedeeltelijke aanwijzingen. Herinneringen gaan zelden volledig verloren, maar ouderen hebben meer tijd nodig om herinneringen op te roepen dan jongere volwassenen. Vermoedelijk beïnvloeden opleiding, training, lichamelijke activiteit en complexiteit van de omgeving de verdere ontwikkeling, instandhouding of achteruitgang van verstandelijke vermogens.
Het vermogen tot abstract denken, zoals het kunnen oplossen van niet-verbale puzzels en nieuwe logische problemen, neemt met de jaren af. Daar staat tegenover dat bijvoorbeeld het vermogen tot verbaal redeneren vaak toeneemt. Hierbij maakt men gebruik van vergaarde kennis en woordenschat. Dit verklaart waarom wiskundigen, wetenschappers en dichters op hun best zijn als zij in de twintig en dertig zijn, en historici, filosofen en prozaschrijvers uitblinken als zij in de veertig, vijftig en zestig zijn. Het is dus niet ongewoon dat mensen tijdens de levensfase van de ouderdom nog indrukwekkende creatieve prestaties leveren.

Volwassenen beginnen in de ouderdom vaak met de evaluatie van hun leven. Als ze positief en tevreden op hun leven kunnen terugkijken en het gevoel hebben dat ze geleefd hebben zoals ze wilden leven, worden ze zich ervan bewust dat hun leven zinvol is. Sommige ouderen zien hun ervaringen echter als mislukkingen en kunnen zich daardoor afvragen wat hun leven waard is geweest. Ze kunnen het gevoel hebben dat er te weinig tijd over is en beginnen angst voor de dood te voelen. Dit kan gevoelens van wanhoop veroorzaken.
Mensen die naar hun eigen idee voldoening ervaren over hun leven, worden zich bewust van een zekere wijsheid, een gevoel dat geldt als belangrijkste kenmerk van ouderdom. De jongere generatie raadpleegt deze ouderen graag, vanwege de oplossingen die zij kunnen hebben voor complexe levensvragen. Ouderen hebben een rijkere en beter gefundeerde visie op levenskwesties dan de meeste jonge mensen. Sommige ouderen verwerken de ervaringen uit hun leven dan ook in een autobiografie of in memoires, en andere evalueren hun leven en bespreken dit met familieleden en vrienden.
Een van de speciale genoegens van de ouderdom is het grootouderschap. Grootouders zijn tegenwoordig vaak zeer actief betrokken bij de verzorging van hun kleinkinderen.
Aan het begin van de ouderdom gaan de meeste nog werkzame mensen met pensioen, of zij hebben een partner die met pensioen gaat. Plotselinge of onvoorziene pensionering kan angstgevoelens of somberheid veroorzaken; geplande pensionering die op het goede moment komt, wordt meestal graag aanvaard. Mensen kunnen ook uitkijken naar hun pensionering als zij hun werk onbevredigend en te inspannend vinden, of als zij weten dat na de pensionering een goed inkomen wacht. Bij mensen voor wie pensionering een flinke afname van hun levensstandaard betekent, kunnen angstgevoelens bestaan. Voor sommige ouderen gaat pensionering daarnaast gepaard met een verlies van vaste routines, sociale contacten, inkomsten en een belangrijke rol in het gezin. Stoppen met werken betekent dat de gepensioneerde meer tijd kan doorbrengen met de levenspartner en familie, en actiever kan deelnemen aan de bezigheden en taken in huis. In het begin kunnen partners moeite hebben om zich aan te passen aan het vaker samenzijn na de pensionering, maar als dit lukt worden ze vaak gelukkiger.
In de ouderdom zien partners vaak op tegen een leven zonder elkaar. Wanneer één van de twee overlijdt, ziet de overlevende partner zich geconfronteerd met een rouwproces. Vrouwen komen vaker in deze situatie, omdat zij vaak langer leven en omdat vrouwen meestal samen zijn met een man die ouder is dan zij. Naast het verdriet kunnen problemen ontstaan met het huishouden, het sociale leven of de financiën. En met het overlijden van de partner komt vaak ook de bezorgdheid over het eigen overlijden.
De onvermijdelijkheid van de dood het hoofd bieden is een hoofdtaak in de ouderdom. Acceptatie van de dood is waarschijnlijk gemakkelijker voor iemand die positief terugkijkt op een goed geleefd leven. Iemand die het gevoel heeft een goed leven te hebben geleid, beschouwt de dood meestal als iets noodzakelijks en meent dat een mens zich moet leren schikken in het onvermijdelijke levenseinde. Andere ouderen leggen zich hier minder gemakkelijk bij neer. Ze raken geobsedeerd door de goede dingen die in het verleden zijn voorgevallen, of gaan nadenken over hun fouten en krijgen last van spijtgevoelens. Ze kunnen depressief worden als ze beseffen dat ze nog maar weinig tijd of energie hebben om deze fouten goed te maken.

De ouderdom is de laatste levensfase van een mens. Iemand die steeds meer tevredenheid bij zichzelf ervaart, kan met het ouder worden de verworvenheden van het leven evalueren en koesteren, omgaan met verlies en zich voorbereiden op de dood. Als echter het gevoel overheerst gefaald te hebben in werk, relaties of het leven als geheel, kan eenzaamheid, wanhoop of depressiviteit ontstaan.
Daarnaast kan de geestelijke gezondheid van oudere mensen ernstig worden aangetast door verschillende lichamelijke aandoeningen. Het oudere lichaam is zeer vatbaar voor ziekte en letsels ('de ouderdom komt met gebreken'). Ouderen kunnen hierdoor afhankelijk worden en de voortdurende zorg en aandacht van anderen nodig hebben.
Sociale en culturele factoren kunnen eveneens het leven van een oudere beïnvloeden. In onze, sterk op jongeren gerichte maatschappij waarin ouderen worden onderschat en over het hoofd worden gezien, kunnen zij zich eenzaam en neerslachtig gaan voelen.

Informatie over levensfasen
http://nl.wikipedia.org/wiki/Levensfase

Informatie over ouderdom
http://nl.wikipedia.org/wiki/Bejaarde

Informatie van de Nederlandse Vereniging voor Gerontologie
http://www.nvgerontologie.nl

Beardslee, W.R. and Vaillant G. (1997), Adult Development, in: Tasman, A., Kay, J. and Lieberman, J.A. (eds), Psychiatry, vol.1, W.B. Saunders, Philadelphia. (Engels)

Wenger, G.C. (2000), The Sociology of Normal Ageing, in: Gelder, M.G., Lopez-Ibor, J.J. and Andreasen, N. (eds), New Oxford Textbook of Psychiatry, vol. 2, Oxford University Press, New York. (Engels)


Bron: SJRI Copyright: MedicinfoDatum: 27/04/2011Disclaimer
geavanceerd zoeken

Zoeken

Ik wil zoeken naar: